9 mei 2019 Nieuws

PIJ-maatregel moet geen jeugd-tbs worden

Plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (PIJ) moet niet veranderen in jeugd-tbs. Dat stelt de Raad voor de Rechtspraak in zijn advies (pdf, 653,5 KB) aan Minister Dekker. De Raad voor de Rechtspraak is van oordeel dat moet worden voorkomen dat het bijzondere karakter van het jeugdstrafrecht uit het oog wordt verloren. De Raad verwijst in dit verband naar de ontstaansgeschiedenis van de PIJ-maatregel en de keuze die destijds is gemaakt voor de “plaatsing in een inrichting voor jeugdigen.” Deze benaming sluit aan bij het karakter van de maatregel. De PIJ is een behandelmaatregel voor minderjarigen die een ernstig misdrijf hebben gepleegd. Het stigmatiserende effect van de voorgestelde wijziging in benaming – jeugd-TBS in plaats van PIJ-maatregel – moet niet worden onderschat. Als PIJ verandert in jeugd-tbs drukt dat een stempel op kinderen, alsof ze voor altijd misdadigers zijn. Dat belemmert een gunstige ontwikkeling, terwijl de PIJ-maatregel juist in het belang moet zijn van een zo gunstig mogelijke ontwikkeling van de jeugdige. Het jeugdstrafrecht, waarvan de PIJ-maatregel onderdeel is, is gericht op een pedagogische, opvoedkundige bestraffing. Bij de berechting van volwassenen ligt de nadruk meer op vergelding en afschrikking. Daarom is de PIJ-maatregel ook anders dan TBS voor volwassenen. De TBS-maatregel veel meer bedoeld om de samenleving te beschermen.

Door de voorgestelde wijzigingen ontstaat de indruk dat het verschil tussen de TBS voor volwassenen en voor jeugdigen maar klein is. Maar dat is niet zo, aldus De Raad voor de Rechtspraak in zijn advies van 3 april 2019 voor de Minister van Rechtsbescherming.

 

 

 

Relevant nieuws

Vrijspraak in zedenzaak geen steunbewijs

De Rechtbank Noord-Holland heeft een verdachte vrijgesproken van ontuchtige handelingen met een minderjarige, tussen de 12 en 16 jaren. De rechtbank kwam tot de vrijspraak omdat er geen steunbewijs voor de aangifte was. In zedenzaken is aanvullend steunbewijs vereist. Dat ontbrak hier. Het aanwezige DNA wees slechts op fysiek contact en bood geen concrete ondersteuning voor de specifiek ten laste gelegde seksuele handelingen. Ook andere bewijsmiddelen gaven onvoldoende bevestiging. Mr. Van der Meer heeft betoogd dat niet aan het wettelijke…

Integrale vrijspraak in zedenzaak door ontbreken steunbewijs

In januari  stond bij de Rechtbank in Haarlem en man terecht omdat hij verdacht werd van seksueel misbruik van zijn minderjarige kleindochter. De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van 30 maanden. De rechtbank oordeelde echter dat voldoende onafhankelijk steunbewijs ontbrak. In zedenzaken mag een veroordeling niet uitsluitend worden gebaseerd op één verklaring. Omdat verklaringen van andere betrokkenen geen directe en onafhankelijke ondersteuning boden voor de aangifte, werd niet voldaan aan het wettelijke bewijsminimum. Mr. Van der Meer had vrijspraak…

Aangehouden of gedagvaard?

Wij zijn rechtstreeks bereikbaar via onze e-mailadressen en mobiele telefoonnummers zoals vermeld op onze contactpagina.

Direct een advocaat nodig?